Officiële titel
Kalktufbronnen met tufsteenformatie (Cratoneurion)
Code
7220*
Beschrijving
Tufsteen bestaat uit kalkafzettingen die ontstaan in bronnen en bovenlopen van beekjes met erg kalkrijk water, waar het hele jaar door dunne laagjes calciumcarbonaat afgezet worden op de in het water aanwezige blaadjes, dennennaalden, takjes, wieren, mossen enz.
Dit habitattype komt voor in reliëfrijke streken met een ondergrond met kalksteen, kalkrijke zanden of mergels en krijt, waar kalk in grote hoeveelheden oplost in het grondwater. Wanneer dit grondwater aan het oppervlak komt ontsnapt een deel van de CO2 die het water bevat aan de atmosfeer (daling CO2) en vindt een verschuiving van het chemisch evenwicht (Ca(HCO3)2 oplosbaar ↔ CaCO3 vast + CO2 gas + H2O ) plaats, waardoor het calciumcarbonaat (CaCO3) uit het water neerslaat. Deze chemische reactie, is dus voor een belangrijk deel veroorzaakt door ontgassing naar de atmosfeer en eventueel versterkt door opwarming van het water. Ook biologische factoren spelen een niet te onderschatten rol: de actieve opname van CO2 uit het water door de fotosynthese van ondergedoken vegetatie; mossen, algen (diatomeeën) en bacteriën (cyanobacteriën), evenals de fixatie van carbonaat kristallen op het oppervlak van deze organismen, spelen ook een belangrijke rol in de vorming van tufsteen en kalksteen. Mossen doen dienst als groeisubstraat voor algen en kiezelwieren en accumuleren de kalkafzetting. Na het afsterven van deze organismen en de vertering van het organische materiaal, blijven alleen de kalkskeletten over. Door accumulatie over een zeer lange tijd ontstaat hieruit een gelig gesteente: tufsteen. Dit is een poreuze en sponsachtige variëteit van travertijn waarin de structuur van het organische materiaal nog herkenbaar is.